Wereldkeuken: Venezuela

Je hoeft geen globetrotter te zijn om de geur en smaak van verre reizen tot in je eigen keuken te brengen! Deze vind je terug op Fiesta Mundial. Moest je toch niet meer kunnen wachten dan kan je ook thuis genieten van een hapje uit de wereldkeuken.

Deze week presenteren we jou enkele klassiekers uit Venezuela.

Perico – Roerei met Ui en Tomaat

Perico is een gerecht uit Colombiaanse en Venezolaanse keuken bereid met roerei, boter, gebakken uien en tomaten. Sjalotten zijn een frequente vervanging of toevoeging aan de uien, vooral in Colombia. Perico kan ook gehakte koriandergranen, gemalen paprika’s, annatto en af en toe hete pepers bevatten. Het kan worden beschouwd als een tropische versie van roerei en kan alleen worden gegeten, met brood, meestal bij het ontbijt; of op elk moment, als een arepa-vulling.

De naam komt van de heldere kleuren van de lente-uitjes, tomaat en eieren, die de kleuren nabootsen op een perico (papegaai).

Ingrediënten voor 4 personen

1 middelgrote ui, fijngehakt
2 eetlepels boter
1 eetlepel plantaardige olie
1 middelgrote tomaat, fijngehakt
1 groene paprika, fijngehakt (optioneel)
4-6 eieren
3 eetlepels room
Zout en peper naar smaak

Bereiding

  1. Klop de eieren samen met de room. Opzij zetten.
  2. Smelt de boter met de olie in een grote koekenpan met antiaanbaklaag.
  3. Bak de gehakte ui op een matig vuur glazig.
  4. Tomaten en paprika toevoegen en op matig vuur bakken tot ze zacht zijn, 8-10
    minuten.
  5. Giet het room-eimengsel in de koekenpan en bak zachtjes terwijl u de massa licht
    door elkaar roert.
  6. Als de gewenste gaarheid bereikt is, brengt u het gerecht op smaak met zout en
    peper.
  7. Serveer warm met arepas.

Empanada’s

Een empanada is gevulde deegwaar die gebakken of gefrituurd wordt. De naam komt van het Spaanse, Portugese en Galicische werkwoord empanar, dat inpakken of inwikkelen betekent. Empanadas worden, behalve in Spanje en Portugal, ook in Zuid-Amerika gegeten. Dit recept vervangt het recept “Kruidige Gehaktkoekjes (Empanada’s)”, dat de
kwaliteitstest niet doorstond.

Ingrediënten voor 6 personen

Voor de vulling:
750 g rundergebraad, in 4 stukken gesneden
4 laurierblaadjes
zeezout
2 eetlepels extra vergine olijfolie
1/2 middelgrote ui, in blokjes gesneden
1/4 groene paprika, in blokjes gesneden
2 teentjes knoflook, fijngehakt
1 sjalot, in blokjes gesneden
1 lente-ui, gesnipperd
2 theelepels paprika
2 theelepels Sazon completa (Spaans kruidenmix)
1/4 theelepel gedroogde oregano
1/4 theelepel gemalen komijn
versgemalen peper

Voor het deeg:
3 eetlepels suiker
1 1/2 eetlepel plantaardige olie, plus extra voor het insmeren en braden
1 1/2 eetlepels ongezouten boter
1 eetlepel zout
560 g voorgekookt maïsmeel (Harina P.A.N.)
30 g plus 2 eetlepels bloem voor alle doeleinden

Voor de saus:
1 flinke bos koriander (bladeren en stengels)
1,25 dl extra vergine olijfolie
1 middelgrote avocado, gehalveerd, ontpit en geschild
1/4 groene paprika, fijngesneden
1 lente-ui, gesnipperd
4 theelepels witte azijn
1 teentje knoflook, geperst
zout en versgemalen peper

Bereiding

1. Maak de vulling: plaats het rundvlees, de laurierblaadjes, 1 eetlepel zout en water om alles te bedekken in een pan en breng op een middelhoog vuur aan de kook.
2. Zet het vuur lager, zodat de vloeistof suddert, doe een deksel op de pan en kook tot het vlees bijna uit elkaar valt, ongeveer 1 uur en 30 minuten.
3. Leg het vlees in een kom en trek het met een vork uit elkaar; laat afkoelen. Bewaar de bouillon.
4. Verhit de olijfolie in een grote koekenpan op middelhoog vuur.
5. Voeg de ui, paprika, knoflook en sjalot toe; laat bakken tot de ui glazig is, ongeveer 3 minuten.
6. Roer de lente-ui, paprika, Sazon completa, oregano, komijn en 1/4 theelepel peper erdoor.
7. Voeg het vlees en 2,5 dl van de bouillon erbij en kook op een matig vuur tot het mengsel dik wordt, ongeveer 10 minuten. Breng op smaak met zout.
8. Maak het deeg: Meng 8.75 dl warm water, de suiker, plantaardige olie, boter en zout in een middelgrote kom tot de boter smelt.
9. Roer het maïsmeel en bloem erdoor tot zich een zacht deeg vormt, kneed het vervolgens op een schone ondergrond tot het deeg vaster wordt.
10. Vorm er 12 ballen van.
11. Bestrooi elke deegbal één voor één met water, plaats de deegbal tussen twee stukken licht geoliede zware plastiek (een hersluitbare zak die is opengeknipt werkt goed) en rol in een cirkel van 18 cm.
12. Verwijder het bovenste vel plastiek en leg 2-3 eetlepels vulling in het midden van het deeg.
13. Gebruik het onderste stuk plastiek om het deeg in de helft over de vulling te vouwen en druk aan om af te dichten.
14. Trim in een halve maan met een mes of druk naar beneden met de ronde rand van een kom.
15. Verwijder de plastiek en plaats de empanada op een met bakpapier beklede bakplaat. Doe dit voor de 11 resterende empanadas.
16. Verwarm de oven voor op 150 graden C. 2/3
17. Verhit 2,5 cm plantaardige olie in een grote koekenpan tot 185°C (gebruik een frituurthermometer).
18. Bak de empanadas met enkele tegelijk tot ze goudbruin zijn, ongeveer 4 minuten per kant. Breng ze over op een met keukenpapier beklede bakplaat; houd ze warm in de oven.
19. Maak de saus: Meng de koriander, olijfolie, avocado, paprika, lente-ui , azijn en knoflook in een blender.
20. Voeg 1 theelepel zout en 2 theelepels peper toe en pureer tot een gladde massa.
21. Verdun de saus met maximaal 6 cl water en serveer met de empanadas.

Arepas

Een arepa is een broodje gebakken van een gekookt maïsmeeldeeg. Arepas zijn afkomstig uit Latijns-Amerika en zijn vooral populair in Venezuela en Colombia. De broodjes worden gegeten,
bij het ontbijt – bijvoorbeeld gevuld met kaas of ander beleg;
als maaltijd – gevuld met een kruidige vleesvulling (carne mechada), vis, avocado of andere groenten;
als snack of als begeleiding bij een maaltijd. Vaak zonder vulling, maar dan meer om in andere gerechten te doppen.
Aan de Caribische kust van Colombia hebben arepas vaak een vulling met ei (Arepa’e Huevo)

Ingrediënten voor 4 personen

1/2 liter warm water of meer indien nodig.
zout
olijfolie
1 pak voorgekookt maïsmeel – Harina P.A.N.

Bereiding

1. Verwarm de oven voor op 220°C.
2. Vul een grote schaal met een halve liter warm water, 1 eetlepel olijfolie en 2 theelepels zout.
3. Voeg het maïsmeel beetje bij beetje toe. Roer met uw handen door de brei, steeds in dezelfde richting en voeg al roerende steeds een beetje meer meel bij. Uiteindelijk zal u 400-450 g. gebruiken.
4. Het deeg is klaar als het niet meer aan uw handen blijft kleven (duurt ongeveer 15 minuten). Laat het helemaal afkoelen.
5. Vorm van het mengsel broodjes ongeveer ter grootte van een hamburger en 1½ cm dik.
6. Verhit olie in een grote koekenpan en bak de bolletjes aan beide kanten goudbruin, in ongeveer 10-15 minuten.
7. Bak ze onmiddellijk daarna nog exact 10 minuten in de oven. Ze zullen hol klinken als u er een tik op geeft: dat betekent dat ze gaar zijn.
8. Vervolgens onmiddellijk opdienen: warm, in tweeën gesneden zoals een pitabroodje en gevuld, bijv. met Venezolaans roerei

Smakelijk!

Wereldkeuken: Uzbekistan

Je hoeft geen globetrotter te zijn om de geur en smaak van verre reizen tot in je eigen keuken te brengen! Deze vind je terug op Fiesta Mundial. Moest je toch niet meer kunnen wachten dan kan je ook thuis genieten van een hapje uit de wereldkeuken.

Deze week presenteren we jou enkele klassiekers uit Uzbekistan.

Oezbeekse auberginesalade

De aubergine is zowel een plant uit de nachtschadefamilie als de vrucht daarvan. De plant komt van oorsprong uit Myanmar en werd door de Arabieren in de middeleeuwen in het Spaanse Andalusië geïntroduceerd. Omstreeks het midden van de 15e eeuw is de plant vanuit Spanje verder in Europa geïntroduceerd. De plant wordt geteeld vanwege de als groente gebruikte vrucht. In China en India is de plant al duizenden jaren bekend.

Ingrediënten voor 4 personen

2 aubergines
1 ajuin
½ groene paprika
1 teentje look
olijfolie
peper
zout
koriander

Bereiding

  1. De ajuin halveren en dan in reepjes snijden.
  2. Bakken in wat olijfolie gedurende 10 minuten.
  3. Haal de ajuin uit de pot en zet opzij.
  4. De aubergines in de lengte in 4 snijden, en dan in schijfjes van ongeveer ½ cm dik.
  5. De groene paprika ook in reepjes versnijden.
  6. De aubergine en paprika laten garen in de pot, eventueel nog wat olijfolie toevoegen (15 minuten met deksel op de pot).
  7. Kruiden met peper en zout, fijngesneden koriander toevoegen.
  8. De gebakken ajuin erbij doen en alles goed mengen.
  9. Laten afkoelen en koud opdienen.

Oezbeekse soep

Ingrediënten voor 8 personen

Voor de bouillon: $
2 liter water
400 gr soepvlees zonder been (rund)
400 gr soepbeenderen (lam)
50 gr schapenvet
2 teentjes look
snufje chilipeper
peper
zout
2 laurierblaadjes
een takje rozemarijn

Voor de soep:
500 gr wortelen
300 gr ajuin
300 gr tomaten
300 gr aardappelen

koriander om op te dienen

Bereiding

  1. Het schapenvet smelten in een grote kookpot. Het soepvlees hierin rondom bruin bakken.
  2. De soepbeenderen erbij doen en overgieten met het water. Look, laurier en chilipeper toevoegen, kruiden met peper en zout.
  3. Aan de kook brengen en gedurende 1½ uur laten sudderen op een zacht vuurtje. Het vlees uit de bouillon halen en in stukken snijden van 2 à 3 cm. De bouillon zeven en terug in de kookpot doen.
  4. De ajuin grof snijden, de wortelen en aardappelen in gelijke stukken snijden. De tomaten in kleinere stukjes snijden (en van de zaadjes ontdoen). Alle groenten en het vlees in de bouillon doen en terug aan de kook brengen.
  5. Zachtjes laten verder koken tot alle groenten gaar zijn (ongeveer 30 minuten).
  6. Opdienen met enkele blaadjes koriander.

Pilav zonder vlees

Pilav is een (bij)gerecht uit het Midden-Oosten, Perzië, India en Centraal Azië, bestaande uit een graansoort, meestal rijst, die eerst wordt gefruit in olie en vervolgens onder toevoegen van bouillon gaar wordt gesmoord, afhankelijk van de landstreek met bepaalde kruiden, groenten, peulvruchten en vlees. Volgens velen is het een gerecht dat uit de vroeg-Ottomaanse (Turkse) keuken stamt.

Pilav is verwant aan de Italiaanse risotto. Het woord is waarschijnlijk afkomstig van het Oud-Perzische woord pilau, wat ‘rijst’ betekent. In Turkije wordt de schotel die men dagelijks nuttigt ‘sade pilav’ genoemd.

Ingrediënten voor 8 personen

600 gr rijst
1,2 liter water
olijfolie
300 gr wortelen
300 gr ajuin
1 rode paprika
1 teentje look
peper
zout

Bereiding

  1. De wortelen, ajuin, paprika en look zeer fijn snijden. Enkele minuten al roeren bakken in de olijfolie.
  2. Het water erbij doen, kruiden met peper en zout, en aan de kook brengen.
  3. Ondertussen de rijst een paar keer spoelen en laten uitlekken.
  4. Doe de rijst in het kokend water en laat op een zacht vuurtje gaar worden, tot al het water door de rijst geabsorbeerd is.

Smakelijk!

WERELDKEUKEN: Griekenland

Je hoeft geen globetrotter te zijn om de geur en smaak van verre reizen tot in je eigen keuken te brengen! Deze vind je terug op Fiesta Mundial. Moest je toch niet meer kunnen wachten dan kan je ook thuis genieten van een hapje uit de wereldkeuken.

Deze week presenteren we jou enkele klassiekers uit Griekenland.

Garides Saganaki

Saganaki (Griekse spelling σαγανάκι, spreek uit: ‘sagga-NAA-kie’) is op zijn eenvoudigst gezegd gebakken kaas. En hoewel het een van de simpelste gerechten is uit de Griekse keuken – je hebt er maar drie ingrediënten voor nodig – is het uitzonderlijk lekker. Als je van kaas houdt, tenminste.

De naam is afgeleid van het pannetje waarin het gerecht normaliter wordt klaargemaakt. De sagani is een kleine koekenpan, rond of ovaal, met dikke bodem en aan weerszijden een handvat. Er zijn meerdere gerechtjes die traditioneel gezien in het pannetje worden klaargemaakt – garides saganaki (met garnalen) en midia saganaki (met mosselen) bijvoorbeeld – maar de kaasvariant is het meest geliefd.

Ingrediënten voor 4 personen

24 rauwe scampi (gepeld)
2 grote ajuin
400 gr tomatenblokjes uit blik
6 eetlepels olijfolie
peper
200 gr fetakaas
4 teentjes look
2 koffielepels gedroogde oregano
platte peterselie

Bereiding

  1. Verhit de olijfolie in een kookpot en bak hierin de fijngesneden ajuin enkele minuten.
  2. Voeg de tomaten en fijngesneden look toe en laat 10 minuten sudderen met deksel op de pot, af en toe eens roeren.
  3. Doe er dan de rauwe scampi bij, kruiden met de oregano en wat peper. Roer om en laat nog 10 minuten verder sudderen met deksel op de pot.
  4. Ondertussen de feta in kleine blokjes snijden. Zet het vuur af en roer de feta door de saus.
  5. Indien je dit gerecht vooraf klaargemaakt hebt, kan je dit dan in de oven ook verder laten opwarmen.
  6. Werk af met blaadjes platte peterselie.

Moussaka

Moussaka is een traditioneel gerecht gemaakt op basis van aubergine, afkomstig van de Griekse kok Tselementes, die alle gerechten uit de tijd van het voormalige Ottomaanse Rijk wilde bannen. Hij schreef een kookboek in de begin van de twintigste eeuw met het recept van Moussaka. Het woord moussaka is afkomstig uit het Arabisch en betekent fris, omdat daar de moussaka koud wordt opgediend.

In de westerse wereld wordt met moussaka meestal de variant uit de Griekse keuken bedoeld. De Griekse versie bestaat uit lagen aubergine, aardappel en gehaktsaus, overgoten met een bechamelsaus.

Ingrediënten voor 4 personen

800 gr aubergines
4 aardappelen
600 gr lamsgehakt (of rundsgehakt, of gemengd)
1 grote ajuin
1 blik tomatenblokjes (400 gr)
olijfolie
peper en zout
paneermeel
béchamelsaus (van 50 gr boter, 50 gr bloem, 5 dl melk, muskaatnoot, peper en zout)
120 gr gemalen kaas (vb. Parmesan en Gruyère)
1 eierdooier

Bereiding

  1. De aubergines wassen en in plakken snijden van ½ cm dik, met zout bestrooien en 1 uur laten staan.
  2. De aardappelen halfgaar koken en in plakken snijden.
  3. De fijngesneden ajuin 5 minuten bakken in wat olijfolie. Het gehakt erbij doen en 10 minuten samen bakken. De tomaten toevoegen, kruiden met peper en zout, en nog even laten doorkoken.
  4. De aubergines afspoelen en afdrogen met keukenpapier. Langs beide kanten in olijfolie lichtbruin bakken.
  5. Een stenen schaal invetten en bestrooien met paneermeel. Er een laag aubergines opleggen, kruiden met peper en zout, en de helft van het vleesmengsel erover verdelen. Een laag aardappelen erop leggen, de rest van het vleesmengsel, opnieuw een laag aubergines en kruiden met peper en zout.
  6. De béchamelsaus maken, er de eierdooier en de helft van de gemalen kaas doorroeren.
  7. De saus over de aubergines gieten en bestrooien met een mengsel van paneermeel en de rest van de kaas.
  8. Bak 1 uur in een voorverwarmde oven van 180 °C.

Baklava

Baklava is een lekkernij die meestal als dessert wordt gegeten. Het woord baklava is in 1650 voor het eerst in het Engels gebruikt en is afkomstig van het Osmaanse woord bɑ-klɑvɑ بقلاوه wat weer van het Perzische woord باقلبا (bāqlabā) dat ‘opstapelen’ betekent, afstamt. In andere talen wordt het woord fonetisch anders uitgesproken en/of grammaticaal anders opgeschreven.

Vaak wordt de baklava op een grote schaal gemaakt en vervolgens in kleine stukjes gesneden. Omdat de baklava erg zoet en vet is, is hij ook zeer machtig en calorierijk. Daarom wordt er vaak koffie bij gedronken en in de toeristische gebieden wordt de baklava met een bolletje ijs geserveerd.

Ingrediënten voor 4 personen

10 bladen brick-deeg
100 gr ongezouten boter
75 gr walnoten
75 gr amandelen
75 gr suiker
kaneelpoeder
Siroop van 125 gr suiker
50 gr honing
1,5 dl water
sap van 3/4 citroen
4 kruidnagels

Bereiding

  1. De walnoten en amandelen fijnstampen in een mortier. Mengen met de suiker, kaneel en 50 gr gesmolten boter.
  2. Een bakblik invetten er 4 bladen deeg opleggen, ieder blad met gesmolten boter bestrijken. Bedekken met 1/6 van de notenvulling.
  3. Er 2 bladen deeg opleggen (telkens met boter bestrijken) en een laag vulling. Dit nog 4-maal herhalen. Eindig met een laag van 6 bladen deeg.
  4. Met een scherp mes de bovenste laag in stukken verdelen en met water besprenkelen. In een voorverwarmde oven van 180 °C gedurende 30 minuten bakken, en dan nog 15 minuten op 150 °C verder bakken. Laten lauw worden.
  5. Maak ondertussen de siroop : het water met citroensap en kruidnagels aan de kook brengen. Er al roerend de suiker en de honing aan toevoegen. De kruidnagels verwijderen en de siroop kokend over de taart gieten.
  6. Enkele uren laten staan om de siroop er volledig te laten intrekken

Smakelijk!

Wereldkeuken: Kameroen

Je hoeft geen globetrotter te zijn om de geur en smaak van verre reizen tot in je eigen keuken te brengen! Deze vind je terug op Fiesta Mundial. Moest je toch niet meer kunnen wachten dan kan je ook thuis genieten van een hapje uit de wereldkeuken.

Deze week presenteren we jou enkele klassiekers uit Kameroen.

Kameroense zeebaars

De zeebaars behoort tot de straalvinnigen (Actinopterygii)  en deze vormen een klasse van dieren binnen de gewervelden (Chordata). Ze worden zo genoemd omdat de vissen stralen in hun vinnen bezitten. Deze stralen zijn been- of hoornachtige structuren in de vinnen die de huid ondersteunen, in tegenstelling tot de vleesachtige vinnen, die karakteristiek zijn voor vissen uit de orde Sarcopterygii. Met bijna 30.000 soorten zijn de straalvinnigen de dominante klasse gewervelden. Ze zijn vertegenwoordigd in zowel zoet als zout water, en van de diepzee tot de hoogstgelegen bergbeken.

Ingrediënten

2 zeebaarzen
olie
4 eetlepels mayonaise
2 koffielepels sambal oelek
2 sjalotten
1 citroen
trostomaatjes

Bereiding

  1. De vissen (gekuist en ontschubt) spoelen en droogdeppen op keukenpapier. Iedere vis middendoor snijden, zodat je een helft hebt met de staart en een helft met de kop. In elk stuk nog een paar inkervingen maken met een scherp mes, langs beide zijden.
  2. De grill van de oven voorverwarmen, een metalen rooster bovenaan en een bakplaat onderaan voorzien (opvang afdruipend vet).
  3. De stukken vis aan beide zijden met olie inwrijven en op het rooster leggen. Gedurende 5 à 6 minuten laten bakken onder de grill, de stukken vis omdraaien en de nogmaals 5 à 6 minuten bakken onder de grill.
  4. De grill uitschakelen en de oven op 150°C instellen. De vis nog gedurende 15 à 20 minuten laten verder gaar worden.
  5. Ondertussen de mayonaise mengen met de sambal oelek tot een vrij pikante saus. De sjalotten in ringen snijden.
  6. De stukken vis op 4 borden leggen, de ringen sjalot over de vis verdelen, de saus naast de vis op het bord scheppen.

Kalkoen met witte kool

In de 16e eeuw werd de vogel in Europa populair op het menu. Het beest werd bij de Europese ontdekking van Amerika aangezien voor een parelhoen, een vogel die men uit het oosten kende. De namen kalkoen, dinde en turkey waren oorspronkelijk synoniemen voor het parelhoen. De Pilgrim Fathers namen kalkoenen mee naar Noord-Amerika. Dat was echter onnodig, aangezien daar een andere grote, wilde ondersoort bleek voor te komen, namelijk de “wild turkey”. Deze ondersoort wordt in de VS traditioneel gegeten op Thanksgiving Day.

Ingrediënten

Kalkoenbout met been van ongeveer 2 kg (of 1,5 kg kalkoenbout zonder been)
1 witte kool
2 ajuinen
2 eetlepels sojasaus
½ koffielepel gedroogde chilipeper
arachideolie
peper en zout
maïzena
3 teentjes look

Bereiding

  1. De kalkoenbout uitbenen en het vlees in grove stukken versnijden. De arachideolie opwarmen in een hoge kookpot en hierin het vlees rondom aanbakken.
  2. Ondertussen de witte kool goed afspoelen en deze dan vanaf de stengel middendoor snijden. Elke helft nog eens in drie stukken verdelen, eveneens vanaf de stengel naar de top doorsnijden.
  3. De fijngesneden ajuin en look toevoegen en nog 5 minuten laten verder bakken.
  4. Giet er 1 dl water bij, de chilipeper en sojasaus toevoegen, kruiden met peper en zout. Zet alle stukken kool met de stengel naar beneden in de pot tussen het vlees.
  5. Zet een deksel op de pot en het geheel in 15 minuten op een middelmatig vuur aan de kook brengen. Daarna het vuur lager zetten en gedurende 1 uur zachtjes laten verder sudderen.
  6. Haal de stukken kool uit de kookpot en leg ze op een grote schaal. Het vlees ook uit de pot nemen en bij de kool leggen. De maïzena mengen met wat water en door het braadvocht roeren tot een gebonden saus. De saus over het vlees verdelen en opdienen.

Runderlever Camerounais

Orgaanvlees is vlees van de inwendige organen en ingewanden van een geslacht dier. Dit kan gaan over de meeste organen behalve spieren en been. In sommige culturen wordt dit vlees vermeden, in andere staat het op het dagelijkse menu of is het zelfs een delicatesse. Voorbeelden uit de internationale gastronomie zijn foie gras, paté en kalfszwezerik.

Orgaanvlees wordt dikwijls gezien als bijproduct van de slacht. Als het niet gebruikt wordt voor menselijke consumptie wordt het veelal gebruikt als meststof.

Ingrediënten

300 gr runderlever
1 grote of 2 kleine ajuinen
arachideolie
chilipeper
peper
zout
2 teentjes knoflook

Bereiding

  1. De lever in grove snippers snijden. De ajuin en look fijn snijden.
  2. Verwarm de olie in de wok en roerbak hierin de rundlever, ajuin en look gedurende 10 à 12 minuten.
  3. Kruiden met peper en zout, en chilipeper toevoegen naar eigen smaak (mag licht pikant zijn).

Smakelijk!

Wereldkeuken: Cuba

Je hoeft geen globetrotter te zijn om de geur en smaak van verre reizen tot in je eigen keuken te brengen! Deze vind je terug op Fiesta Mundial. Moest je toch niet meer kunnen wachten dan kan je ook thuis genieten van een hapje uit de wereldkeuken.

Deze week presenteren we jou enkele klassiekers uit Cuba.

Zwarte bonen soep

De kleine, glimmende, zwarte schildpadboon (vertaald uit het Engels), is vooral populair in de Latijns-Amerikaanse keuken. Hij wordt vaak simpel de zwarte boongenoemd (frijol negro in het Spaans, feijão preto in het Portugees), al kan dit verwarring met andere typen zwarte bonen veroorzaken. Het is een stamboon die behoort tot de gewone boon (Phaseolus vulgaris). De boon kan gedroogd bewaard worden, maar wordt ook veel geconserveerd in blik of glas. Gedroogde zwarte bonen moeten voor het koken ongeveer 8 uur geweekt worden, waarna ze een uur gekookt moeten worden.

Ingrediënten voor 4 personen

250 gr gedroogde zwarte bonen
1 ajuin, ½ groene paprika
2 bouillonblokjes van groenten
peper van de molen
1 l water
olijfolie
1 laurierblad
2 teentjes look

Bereiding

  1. De bonen een nacht laten weken in water en daarna laten uitlekken.
  2. De ajuin grof snijden en flink aanbakken in de olijfolie.  Look en paprika in grove stukken snijden, samen met de bonen in de pot doen.
  3. Het water erover gieten, kruiden met de bouillonblokjes, peper van de molen en het laurierblad.  Aan de kook brengen en gedurende 1 uur zachtjes laten koken met deksel op de pot.
  4. Het laurierblad verwijderen, de soep fijn mixen en heet opdienen.

Zeebaars op Cubaanse wijze

De Amerikaanse zeebaars (Morone americana) is een straalvinnige vis uit de familie van Moronidae, orde van baarsachtigen (Perciformes). De vis kan maximaal 49 centimeter lang en 2200 gram zwaar worden. De hoogst geregistreerde leeftijd is 7 jaar.

Morone americana komt zowel in zoet, brak als zout water voor. De soort komt voor in gematigde wateren in Noord-Amerika op een diepte tot 10 meter.

Ingrediënten voor 4 personen

2 kleine zeebaarzen (250 à 350 gr per stuk)
1 rode paprika
2 dl tomatenblokjes
1 ajuin
olijfolie
peper en zout
2 stukjes citroen
2 teentjes look

Bereiding

  1. De vis laten ontschubben door de visboer (of zelf ontschubben met de achterkant van een mes), schoon maken, spoelen en droog deppen.
  2. De ajuin in stukken snijden, de look fijn snijden, de paprika in reepjes snijden.
  3. Verhit wat olijfolie in een pan en bak hierin de ajuin ongeveer 5 minuten.  Voeg de look, tomaten en paprika ook in de pan en laat nog enkele minuten sudderen.  Kruiden met peper en zout.
  4. Wrijf een ovenschotel in met olijfolie.  Leg de vis erin en wrijf de bovenkant van de vis ook in met olijfolie.
  5. Bedek de vis met de saus en zet het deksel op de ovenschotel (of dek af met een aluminiumfolie).
  6. Laat gedurende 30 minuten bakken in een voorverwarmde oven van 200°C.
  7. Leg er een stukje citroen op bij het opdienen.

Rijstgriesmeel pudding

Griesmeel is grof gemalen tarwe, spelt, mais of rijst. Bij het malen van tarwe of spelt met het doel om zo veel mogelijk bloem te verkrijgen wordt ook griesmeel geproduceerd. Bij het builen van het meel worden de zemelen, de griezen en de bloem gescheiden. Na het malen kan het maalsel gepoetst (gereinigd) worden (hiervoor bestaan speciale griesmeelpoetsmachines), waarbij de zemelen met behulp van een luchtstroom verwijderd worden en het griesmeel overblijft.

Ingrediënten voor 4 personen

1 liter melk
125 gr rijstgriesmeel
100 rietsuiker

Bereiding

  1. De melk aan de kook brengen en er dan het rijstgriesmeel doorroeren.  Gedurende 10 minuten zachtjes laten koken, hierbij regelmatig roeren.
  2. Het vuur uitzetten, de suiker bij de pudding doen en goed omroeren.
  3. Deze dan in afzonderlijke kommetjes verdelen en laten afkoelen om op te dienen.
  4. Op zijn Cubaans, bestrooien met kaneel poeder.

Smakelijk!

Wereldkeuken: Australië

Je hoeft geen globetrotter te zijn om de geur en smaak van verre reizen tot in je eigen keuken te brengen! Deze vind je terug op Fiesta Mundial. Moest je toch niet meer kunnen wachten dan kan je ook thuis genieten van een hapje uit de wereldkeuken.

Deze week presenteren we jou enkele klassiekers uit Australië.

Zeevruchtensalade

Zeevruchten zijn schaal- en schelpdieren die in de zee voorkomen en die als voedsel voor de mens worden gebruikt. Soms worden ook weekdieren, zoals kwallen en octopussen onder deze categorie voedsel geschaard. Bepaalde zeevruchten zoals oesters kunnen zowel “rauw” als verwerkt worden gegeten.

Ingrediënten voor 4 personen

100 gr roze garnalen
1 kg mosselen
100 g surimi
300 gr witte selderstengels
4 eetlepels mayonaise
peper
chilipeper
paprikapoeder

Bereiding

  1. De mosselen gaar koken (met ajuin, selder, peper en zout), laten afkoelen en uit de schelpen halen.
  2. De selderstengels in stukken snijden van ongeveer 1 cm, deze in gezouten water halfgaar koken (ongeveer 7 minuten), uitlekken en laten afkoelen.
  3. De surimi in grove stukken snijden en dan mengen met de garnalen, mosselen en selder.  De mayonaise flink kruiden met peper, chilipeper en paprikapoeder.  De saus door de zeevruchten mengen, en dan de zeevruchtensalade over 4 borden verdelen.

Bush Damper

Damper is oorspronkelijk ontwikkeld door veehouders die lange tijd in afgelegen gebieden hebben gereisd, met alleen basisrantsoenen van meel, suiker en thee, aangevuld met het vlees dat beschikbaar was. De basisingrediënten van damper waren meel, water en soms melk. Baking soda kan worden gebruikt voor het rijzen. Damper werd normaal gekookt in de as van het kampvuur. De as werd afgeplat en de damper werd daar tien minuten gekookt. Hierna werd de damper bedekt met as en gekookt gedurende nog eens 20 tot 30 minuten totdat de damper hol klonk bij het aanraken. Als alternatief werd de damper gekookt in een ingevette kampoven. Damper werd gegeten met gedroogd of gekookt vlees of siroop, ook bekend als “cocky’s joy”.

Ingrediënten voor 4 personen

400 g zelfrijzende bloem
4 dl melk, zout
80 gr gemalen Parmezaan kaas
½ koffielepel Provençaalse kruiden
2 teentjes knoflook
2 sjalotjes

Bereiding

  1. De oven voorverwarmen op 200 °C.
  2. Meng de bloem met de kruiden, fijngesneden look en heel fijn gesneden sjalotjes, zout en gemalen kaas. Goed mengen en dan de melk toevoegen, omroeren en het deeg goed bewerken met een lepel.
  3. Vet een ovenvaste schaal in met wat boter, en leg hier het deeg op.  Verdeel het deeg met een lepel in individuele  porties, deze naast mekaar leggen in de schaal.  Bestrooi lichtjes met nog wat bloem en bak gedurende 10 minuten op 200 °C.  Verminder de temperatuur tot 150 °C en laat nog 20 à 30 minuten verder bakken.

Mango Trifle

Trifle (letterlijk ‘niemendalletje’) is een nagerecht uit de Engelse keuken. Het bestaat uit meerdere lagen in een glas of een glazen kom. De klassieke trifle heeft als onderste laag stukjes cake met daarop sherry gesprenkeld; eroverheen wat vers fruit, bijvoorbeeld aardbeien of perziken en ten slotte een laag vla of custard.

Ingrediënten voor 4 personen

800 gr cake of cake met rozijnen
2,5 dl medium dry sherry
8 dl vanillesaus (vloeibare pudding)
2,5 dl room
3 rijpe mango’s
150 gr frambozen om te versieren

Bereiding

  1. De helft van de cake in plakken snijden en hiermee de bodem van een schaal van ongeveer 3 liter bedekken.  De helft van de sherry over de cake sprenkelen, de helft van de room er ook over verdelen.  De helft van de vanillesaus erover gieten.
  2. De mango’s schillen en in stukjes snijden, en deze in een laag in de kom leggen.  De rest van de cake erop schikken, besprenkelen met de rest van de sherry en de room, en de rest van de vanillesaus erover gieten.
  3. Laten overnachten op een koele plaats.  Voor het opdienen met bloemsuiker bestrooien en versieren met de frambozen.

Smakelijk!

Wereldkeuken: Azië

Je hoeft geen globetrotter te zijn om de geur en smaak van verre reizen tot in je eigen keuken te brengen! Deze vind je terug op Fiesta Mundial. Moest je toch niet meer kunnen wachten dan kan je ook thuis genieten van een hapje uit de wereldkeuken.

Deze week presenteren we jou enkele klassiekers uit Azië.

Sushi Met gekaramelliseerde zalm

De oorsprong van sushi ligt in de conservering van vis door het te laten fermenteren met rijst, wat aan het begin van onze jaartelling in Zuidoost-Azië een gebruikelijke praktijk was. Deze conserveringsmethode verspreidde zich over de rest van Azië en bereikte uiteindelijk ook Japan, waar men aan het begin van de Edoperiode (1603–1868) ook de rijst mee begon te eten wanneer de vis nog niet volledig gefermenteerd was. Toen steeds meer Japanners zich verse vis konden veroorloven werd rijstazijn toegevoegd om de enigszins zure smaak van de gedeeltelijk gefermenteerde rijst na te bootsen. Sushi begon als street food, maar is dankzij de rijke variatie aan vis in de baai van Tokio en de ambachtelijk georiënteerde houding van Japan uitgegroeid tot een delicatesse. Het was uiteindelijk aan het begin van de negentiende eeuw in Tokio dat de tegenwoordige sushi vorm kreeg, met verschillende soorten vis, zeevruchten, groente en zeewier, samen bereid in kleine, sierlijke hapjes. Aan het begin van de twintigste eeuw verspreidde deze sushi zich over de rest van Japan en in de tweede helft van de twintigste eeuw over de rest van de wereld.

Ingrediënten voor 4 personen

400gr Japanse rijst
200gr wortelen
550gr zalmfilet in strookjes
200gr prinsessenbonen
4 nori
2el suiker
1,33el sake
1dl mirim
1dl japanse sojasaus
4,7cl rijstazijn
4,70dl water
1,33kl zout
olie
wasabi

Bereiding

  1. Snij de zalm in staafjes. Snij de wortelen in staafjes.
  2. Blancheer de groenten.
  3. Maak een marinade van sojasaus, mirin, sake en 1 el suiker; leg de zalm er 30 min. in.
  4. Spoel de rijst in veel water. Laat uitlekken. Overgiet met 2 x zoveel koud water. Dek af en laat op een zacht vuur garen tot al het vocht opgenomen is. Haal van het vuur en laat 30 minuten rusten.
  5. Laat rijstazijn, zout en suiker 1 à 2 minuten opkoken tot een lichte stroop. Roer die voorzichtig door de rijst. Dek af met een vochtige doek.
  6. Doe een beetje olie in een goed hete pan met antiaanbaklaag en schroei daarin de staafjes zalm snel dicht.
  7. Leg een norivel met de breedste kant naar u toe open op het sushimatje, de gladde kant naar onderen. Beleg met een dunne laag rijst (laat bovenaan een 2 cm brede strook vrij). Leg in het midden een dun lijntje wasabi en leg daar wat staafjes zalm, boontjes en worteltjes op.
  8. Rol met behulp van het matje de sushi op, van onder naar boven. Maak de onbedekte strook nori nat en sluit er de rol mee. Snij ‘m met een scherp mes in 4 à 6 stukken.
  9. Serveer de sushi met sojasaus.

Nasi goreng

De naam nasi goreng komt uit het Indonesische en Maleisische taalgebied: “nasi”, dat gekookte rijst betekent, en “goreng”, dat gebakken betekent. Het refereert specifiek aan de Indonesische varianten.

Nasi goreng wordt in Indonesië gezien als nationaal gerecht. Een internetenquête uitgevoerd door CNN International in 2011 gehouden onder 35.000 mensen zette nasi goreng op nummer twee in de lijst van ’50 heerlijkste gerechten in de wereld’ na rendang.

Ingrediënten voor 4 personen

400gr rijst
100gr garnalen
300gr kip of ham in blokjes
75gr wortelen
75gr prei
1el fijn gehakte selder blaadjes
75gr Chinese kool
75gr sojascheuten
200gr uien
2 eieren
2el ketjap
2el sambal
1el verse bieslook
2 teentjes knoflook
zout

Bereiding

  1. Snij ui en knoflook fijn.
  2. Snij het vlees in blokjes.
  3. Snij de groenten in stukjes.
  4. Hak de bieslook en de selderblaadjes fijn.
  5. Kook de rijst en laat uitlekken en afkoelen. Nog beter is een restje rijst van de vorige dag.
  6. Verhit wat olie in een wok en roerbak daarin de uien en de knoflook, tot de uien geel kleuren.
  7. Voeg het vlees toe en bak even mee.
  8. Doe er de groenten bij en roerbak ze. De groenten moeten wel knapperig blijven.
  9. Doe er beetje bij beetje de rijst bij en meng goed, tot de rijst en de groenten gelijkmatig verdeeld zijn.
  10. Roer de sambal en de ketjap door de nasi, en als laatste de garnalen.
  11. Breng op smaak met zout.
  12. Kluts de eieren, breng ze op smaak met zout en bak er een dunne omelet van. Rol op en snij in reepjes.
  13. Garneer de nasi goreng met reepjes omelet, en bestrooi met de fijngehakte bieslook en selder.
  14. Serveer met kroepoek.

Tikka Masala

Chicken tikka masala (ook afgekort als CTM) is een Brits-Indiaas gerecht. Het wordt in het Nederlandse taalgebied wel kip tikka masala genoemd. Het bestaat uit kip (chicken) die in stukjes is klein gesneden en gekruid (tikka) dan gebakken (traditioneel in een tandoor) en vervolgens opgediend in een saus met gemengde specerijen (masala) die in dit geval (vrijwel steeds) tomaten of tomatenpuree bevat.

Ingrediënten voor 4 personen

4 kipfilets
1dl volle yoghurt
1el citroensap
4 teentjes knoflook
5cm gemberwortel
1 takje verse koriander
1el garam masale
1kl paprikapoeder
1tl chilipoeder
zout

Bereiding

  1. Schil en rasp de gemberwortel.
  2. Pel en plet de knoflook.
  3. Snipper de korianderblaadjes fijn.
  4. Snij de kipfilet in blokjes van 2,5 cm.
  5. Vermeng de yoghurt met het citroensap, de kruiden en de specerijen. Kruid naar smaak met zout.
  6. Doe de kipblokjes in een kom, samen met de marinade. Schep om. Dek af en laat een nacht trekken.
  7. Verwarm de oven voor op 200°C. Steek de gemarineerde kipblokjes op metalen spiesjes. Leg ze op een rooster, boven een grote braadslee.
  8. Zet 15 minuten in het midden van de warme oven, keer ze af en toe om. Serveer met citroen.

Smakelijk!

Wereldkeuken: Italië

Je hoeft geen globetrotter te zijn om de geur en smaak van verre reizen tot in je eigen keuken te brengen! Deze vind je terug op Fiesta Mundial. Moest je toch niet meer kunnen wachten dan kan je ook thuis genieten van een hapje uit de wereldkeuken.

Deze week presenteren we jou enkele klassiekers uit Italië.

Carpaccio

Het gerecht werd bedacht in 1950 in Venetië, Italië. Giuseppe Cipriani, de eigenaar van Harry’s Bar in Venetië, had vele beroemde stamgasten, onder wie Charlie Chaplin en Ernest Hemingway. Een Venetiaanse gravin, Amalia Nani Mocenigo, was ook een veel geziene gast. Zij leed aan bloedarmoede en moest van haar dokter rauw rood vlees eten. Cipriani bedacht daarop de carpaccio-schotel. Hij noemde dit gerecht naar de schilder Vittore Carpaccio, van wie op dat moment een overzichtstentoonstelling werd gehouden in Venetië.

Cipriani werd geïnspireerd door het diepe rood en herkenbare geel dat Vittore Carpaccio in zijn schilderijen gebruikte. Tot op de dag van vandaag staat de carpaccio-schotel op het menu van Harry’s Bar (nu gerund door zoon Arrigo).

Ingrediënten voor 4 personen

300gr ossenhaas in flinterdunne plakjes
50gr rucola
1/2 citroen
50gr verse parmezaan (geraspt)
1el olijfolie
peper
grof zout

Bereiding

  1. Wrijf 4 borden in met de citroen. Rasp de parmezaan.
  2. Schik de plakjes vlees op de borden. Kruid met peper en grof zout.
  3. Verdeel er de rucola en de kaas over. Druppel wat olie over de rucola en zet wat extra olijfolie op tafel.

Lasagne al forno

Lasagne is een Italiaanse ovenschotel die wordt bereid met dunne pastabladen van circa 10 bij 15 cm.

In het Nederlands worden deze bladen lasagnebladen genoemd, in het Italiaans worden ze aangeduid met lasagne (meervoud). Ook de complete schotel wordt in het Italiaans met deze term aangeduid, ofwel lasagne al forno (bladen uit de oven). Hoewel lasagne een typisch Italiaans gerecht is, komt de naam uit Griekenland, waar “lasanon” platte deegkoek betekent.

De traditionele Italiaanse ovenschotel stamt uit Midden-Italië. In Noord- en Zuid-Italië kan lasagne iets anders betekenen, zoals smalle stroken pasta die al dan niet in de minestrone gaan. In Toscane bestaat een variant met kastanjemeel: le lasagne bastarde ofwel lasagne matte della Lunigiana.

Ingrediënten voor 4 personen

lasangevellen
2 blikjes tomaten
250gr rundergehakt
2 wortelen
3 stengels groene selder
1 ui
300gr verse parmezaan
500ml tomatenpassata
200ml bechamelsaus
2 teentjes knoflook
verse tijm
marjolein
peper
zout

Bereiding

  1. Snij de wortelen in fijne blokjes.  Verwijder het bladgroen van de selder en snij de stengels in fijne boogjes. Snipper de ui en knoflook. Pel de tomaten.
  2. Verhit in een stoofpot een bodempje olijfolie. Stoof de teentjes knoflook even aan in de hete olie. Voeg de teentjes knoflook toe aan de gesnipperde ui. Doe de selder en de wortelen bij de ui en laat deze even aanstoven.
  3. Voeg er het gehakt aan toe en laat alles op een zacht vuurtje aanstoven tot het gehakt mooi kleurt. Schroei het gehakt niet dicht, maar laat zachtjes kleuren. Kruid met voldoende peper en zout.
  4. Voeg er na een klein kwartiertje de tomatenpassata aan toe, samen met het blik tomaten. Roer goed en doe de tijm en de marjolein erbij. Laat op een zacht vuurtje een dik uur inkoken. Roer geregeld.
  5. Verwarm de oven voor op 180° C. Neem een vuurvaste, rechthoekige ovenschaal en bestrijk de bodem met wat olijfolie. Bedek de bodem met een laagje verse pastavellen en bestrijk de vellen met enkele lepels saus.
  6. Lepel er dan wat bechamel over. Daarna volgt een tweede laag met pastavellen, saus en bechamelsaus. Herhaal tot de schaal tot aan de rand gevuld is. Bestrooi de laatste laag pastavellen, saus en bechamelsaus met gemalen Parmezaanse kaas.
  7. Bak de lasagne gedurende 45 minuten op 180° C in een voorverwarmde oven. Serveer onmiddellijk.

Tiramisu

Tiramisu (in het Italiaans geschreven als tiramisù) is een van oorsprong Italiaans dessert. De naam betekent letterlijk trek mij omhoog, wat zoveel inhoudt als beur mij op of maak mij blij. Tiramisu wordt dan ook vaak aan herstellende zieken gegeven, om ze aan te laten sterken en er weer bovenop te brengen. Het is een relatief modern gerecht; pas sinds 1980 komt het voor in Italiaanse woordenboeken en kookboeken. De oorsprong ervan is niet helemaal duidelijk, maar ligt zeer waarschijnlijk in de regio Veneto of de aangrenzende regio Friuli-Venezia Giulia.

Ingrediënten voor 4 personen

1 doos boudoirkoekjes
50gr fondantchocolade (geraspt)
4 eieren
4dl sterke koffie
2el koffielikeur
4dl sterke koffie
2el witte port
250gr mascarpone
1dl room
150gr suiker
1el poedersuiker
2el cacaopoeder
zout

Bereiding

  1. Roer in een lage schaal 1 el suiker en de koffielikeur door de koffie.
  2. Splits de eieren. Klop de eiwitten stijf met een snuifje zout. Klop de room stijf met de poedersuiker.
  3. Klop de eidooiers met de porto en 150 g suiker stevig boven een warmwaterbad tot 3 x het volume (6 minuten). Neem van het vuur en klop er de mascarpone door. Laat wat afkoelen. Spatel er de room door en dan de eiwitsneeuw.
  4. Doop de lange vingers in het koffiemengsel (elke kant 4 seconden). Schik de helft ervan tegen elkaar aan in een schaal. Druk zacht aan met een spatel. Bestrijk met de helft van het mascarponemengsel. Bedek met de tweede laag lange vingers en strijk er de rest van de mascarpone op uit. Zet de tiramisu ten minste 6 uur in de koelkast.
  5. Bestrooi vlak voor het serveren met de geraspte chocolade en een laagje cacaopoeder. Serveer koel.

Cibo gustoso!

Wereldkeuken: Noord-Afrika

Je hoeft geen globetrotter te zijn om de geur en smaak van verre reizen tot in je eigen keuken te brengen! Deze vind je terug op Fiesta Mundial. Moest je toch niet meer kunnen wachten dan kan je ook thuis genieten van een hapje uit de wereldkeuken.

Deze week presenteren we jou enkele klassiekers uit Noord-Afrika.

Bastilla

Bastilla is een araboandalusisch Marokkaanse hartige gevulde taart, die wordt gemaakt van warqadeeg en verschillende vullingen kan hebben.

De benaming bastilla is afgeleid van het Spaanse woord ‘pastilla’, wat weer afgeleid is van het Latijnse woord ‘pastillum’. De ‘p’ is veranderd naar een ‘b’ omdat de letter ‘p’ niet voorkomt in het Arabisch. Het gerecht is ontstaan in het Spaanse Andalusië, en is beïnvloed door zowel de Arabische als de Spaanse eetcultuur. Tegenwoordig vormt bastilla een vast onderdeel van de Marokkaanse keuken, en wordt het gezien als een kenmerkend gerecht in de keuken van Fez.

Ingrediënten voor 4 personen

8 brickvellen
400gr kippengehakt
2 lente-uien
1 ei
1el pijnboompitten
2 teentjes knoflook
1 bosje bladpeterselie
kaneelpoeder
peper
zout

Bereiding

  1. Snij de lente-uitjes in ringetjes.
    Pel en hak de knoflook.
    Snipper een handjevol peterselieblaadjes.
    Hak de pijnboompitten grof.
  2. Vermeng het gehakt met het ei. Voeg er de pijnboompitjes, de uitjes, de knoflook en de peterselie aan toe. Kruid met peper en zout.
  3. Vet een ronde bakvorm (20 cm diameter) goed in met gesmolten boter of olie. Leg er een vel deeg op, laat het over de rand hangen. Bestrijk het deegvel met gesmolten boter of olie. Leg er een tweede vel op. Herhaal tot er vier laagjes op elkaar liggen.
  4. Schep het gehaktmengsel in de vorm en vouw de uiteinden van het deeg over de vulling. Dek af met de rest van het deeg en bestrijk ook telkens elk deegvel weer aan beide kanten met vetstof.
  5. Bak 20 minuten in het midden van de oven van 200°C. Bestuif (eventueel) met kaneelpoeder. Serveer meteen.

Marokkaanse salade

Couscous wordt veel gegeten in Noord-Afrika, vooral in de gebieden boven de Sahara. Hoe verder richting het Midden-Oosten hoe minder vaak couscous wordt gegeten. Ook op Sicilië wordt couscous gegeten. Couscous is een oud gerecht. De oudste schriftelijke verwijzing is te vinden in het dertiende-eeuwse Andalusische kookboek Kitāb al-ṭabīkh fī al-Maghrib wa’l-Āndalus. Daarin wordt gerefereerd aan een bekend recept uit Marrakesh, alcuzcuz fitīyānī.

In de landen van Noord-Afrika wordt couscous als het nationale gerecht beschouwd, zoals rijstgerechten dat zijn voor veel Aziatische landen en aardappelgerechten voor veel westerse landen.

Couscous wordt door Marokkanen traditioneel op vrijdag gegeten. De vrijdag is een dag die bij moslims een bijzondere plaats inneemt als dag van de samenkomst van de gemeenschap. Couscous heeft dan ook een belangrijke culturele betekenis.

Ingrediënten voor 4 personen

600gr lamsfilet
1 galiameloen
200gr doperwten
2 sinaasappelen
2kl sinaasappelschil
100gr blonde rozijnen
300gr couscous
1kl honing
2 teentjes knoflook
1kl gember
3,5l kippenbouillon
4el olijfolie
1 snuifje kaneel
1 snuifje kerriepoeder
1kl kurkuma
1/2kl peperbollen
peper
zeezout
zout

Bereiding

  1. Pers 2 sinaasaapels.
    Rasp de sinassappelschil.
    Plet de peperbolletjes.
    Plet de knoflook.
    Maak een vinaigrette met het sap van 1 sinaasappel, 1 kl geraspte sinaasappelschil, olijfolie, zout en peper.
  2. Leg de lamsfilet in een marinade van 2 el olijfolie, het sap van 1 sinaasappel, 1 kl geraspt sinaasappelschil, 1 kl honing, 1 kl zeezout en 1/2 kl geplette peperbolletjes. Zet 4 uur in de koelkast.
  3. Blancheer de doperwten beetgaar en laat schrikken met koud water.
  4. Breng de kippenbouillon aan de kook met 1 el olijfolie, gember, knoflook, kaneel, kurkuma, kerrie. Roer er de couscous en de rozijnen door. Neem van het vuur en laat 10 minuten rusten.
  5. Meng de meloen met de couscous en de doperwten.
  6. Grill de filet 4 minuten aan elke kant, laat 15 minuten rusten onder aluminiumfolie. Serveer bij de couscous. Overgiet met vinaigrette.

Tajine van konijn met kaneel

De tajine wordt vooral voor stoofpotten gebruikt, waardoor het koken lang duurt. Bij het koken met de tajine slaat het verdampte water uit het voedsel als condens neer op het deksel, koelt daar af en loopt weer terug in de schaal. Daarmee lijkt de werking van de tajine op die van een braadpan. Traditioneel wordt een tajine op een rooster boven hete kolen geplaatst.] Bij gebruik op gas is het nodig een sudderplaatje te gebruiken. Tajines worden zowel gebruikt om groente-, vlees- als visgerechten te bereiden.

In Marokko wordt de tajine vooral gebruikt voor stoofpotten van vlees, vis of groenten, samen met diverse specerijen (zoals het traditionele kruidenmengsel ras el hanout), uien, peulvruchten en/of aardappelen. Traditionele gerechten zijn lamsvlees met dadels of andere zoete vruchten, kip met olijven en ingemaakte citroen, en gehaktballetjes met tomaat.

Ingrediënten voor 4 personen

4 konijnenbouten
2 kaneelstokjes
200ml witte wijn
1 ui
1 blokje kippenbouillon
150gr dadels
2 pastinaken
2 zoete aardappelen
olijfolie
peper
zout

Bereiding

  1. Pel de ui en snij ‘m in ringen. Schil de pastinaken en de aardappelen, snij ze in staafjes.
  2. Kruid de konijnenbouten flink met peper en zout. Bak ze rondom goudbruin in olijfolie, samen met de ui.
  3. Meng de groenten met de dadels en schep ze in de tajine. Leg er het konijn bovenop. Voeg de wijn, de kaneel en het verkruimelde bouillonblokje toe. Sluit de tajine en laat 45 min. zachtjes garen.

Smakelijk!

Wereldkeuken: Verenigde Staten

Je hoeft geen globetrotter te zijn om de geur en smaak van verre reizen tot in je eigen keuken te brengen! Deze vind je terug op Fiesta Mundial. Moest je toch niet meer kunnen wachten dan kan je ook thuis genieten van een hapje uit de wereldkeuken.

Deze week presenteren we jou enkele klassiekers uit de Verenigde Staten. Te beginnen met een lekker fried chicken om te eindigen met de enige echte American cookies.

Starter: Fried Chicken

Vóór de opkomst van synthetische pesticiden in de Tweede Wereldoorlog en hun rol in de ontwikkeling van intensieve industriële veeteelt, was kippenvlees een delicatesse en erg duur. Het eten van kip, inclusief gebakken kip, werd uitsluitend gedaan bij speciale gelegenheden. Vervolgens, met intensieve kippenhouderij, en vooral in de late jaren 1900 en begin 2000 met massaproductie van gebakken kip, is de prijs van het gerecht aanzienlijk gedaald.

Ingrediënten voor 4 personen

8 kippenbouten
2 rode paprika’s (in reepjes)
100gr bacon
2 eierdooiers
3 eiwitten
200gr bloem
2,5dl kippenbouillon
2el water
1dl room
1kl maïsolie
peper
zout

Bereiding

  1. Snij twee rode paprika’s in reepjes.
  2. Kook de kippenbouten 25 minuten in de kippenbouillon. Laat ze uitlekken en afkoelen.
  3. Vermeng de bloem met de dooiers en het water tot een dik vloeibaar papje. Klop de eiwitten stijf en spatel ze door het bloemmengseltje.
  4. Kruid de kippenbouten met peper en zout. Wentel ze in het beslag.
  5. Bak de bacon knapperig in een beetje olie. Zet even aan de kant en stoof in dezelfde pan de paprikareepjes aan in de rest van de olie. Giet er de bouillon bij. Laat tot de helft inkoken.
  6. Voeg er de room aan toe en laat weer tot de helft inkoken. Doe er de bacon weer bij. Kruid naar smaak met peper en zout.
  7. Bak de kippenbouten goudbruin in warme frituurolie (van 150° C). Laat ze uitlekken op keukenpapier. Serveer goed heet, met de warme paprikasaus.

Amerikaanse hamburger

Een veelgehoorde misvatting is dat dit gerecht afkomstig zou zijn uit de Duitse stad Hamburg en na de Tweede Wereldoorlog door Amerikaanse soldaten in hun land geïntroduceerd zou zijn. Dit is niet waar, de hamburger is eind 19e eeuw ontstaan in de Verenigde Staten maar heeft toch een gedeeltelijk Duitse oorsprong.

In de 19e eeuw kwamen veel Europese emigranten naar Amerika. Veel van hen reisden via Hamburg en maakten daar kennis met de frikadel. Dit gerecht leek op een biefstuk maar was gemaakt van gehakt, vermengd met brood en uien. Omdat het snel en goedkoop te bereiden was werd dit gerecht al snel populair in de Amerikaanse havensteden en verkocht onder de naam Hamburger steak.

Ingrediënten voor 4 personen

750gr rundergehakt
4 uien
boter
peper
zout

Bereiding

  1. Pel de uien en snij ze in dunne ringen. Bak ze zachtjes in een pan met een klontje boter, tot ze gaar zijn. Draai het vuur dan hoger en laat de uiringen karamelliseren.
  2. Kruid het gehakt met peper en zout en vorm er 4 hamburgers van. Bak ze gaar in een pan met boter. Serveer met de gekaramelliseerde uiringen, frietjes en ketchup.

American Cookies

Het chocoladekoekje is bedacht door de Amerikaanse chef-kok Ruth Graves Wakefield en chef-kok Sue Brides in 1938. Ze vond het recept uit in de periode dat ze eigenaar was van de Toll House Inn in Whitman, Massachusetts. In dit tijdperk was de Toll House Inn een populair restaurant met home cooking. Er wordt vaak ten onrechte gemeld dat ze de cookie per ongeluk heeft ontwikkeld en dat ze verwachtte dat de chocoladebrokken zouden smelten, en chocoladekoekjes zouden maken. Sterker nog, ze zei dat ze de cookie opzettelijk had uitgevonden. Ze zei: “We hadden een dun butterscotch-nootkoekje met ijs geserveerd, iedereen leek er dol op te zijn, maar ik probeerde ze iets anders te geven, dus kwam ik met het koekje van Toll House.” Ze hakte stukjes uit een halfzoete chocoladereep van Nestlé in een koekje. Het oorspronkelijke recept in door Toll House uitgevoerde en echte recepten wordt ‘Toll House Chocolate Crunch Cookies’ genoemd.

Ingrediënten voor 21 stuks

120gr chocoladepellets
1 zakje smarties
60gr kandijsuiker
30gr kristalsuiker
105gr bloem
0,6kl bakpoeder
0,6 ei
60gr boter
0,6kl vanille extract

Bereiding

  1. Verwarm de oven voor op 180° C. Smelt de boter en klop samen met de kristal- en de kandijsuiker tot een schuimige massa.
  2. Doe er het ei, het bakpoeder en het vanillearoma bij. Meng goed. Doe er als laatste de bloem
    bij. Meng tot een glad deeg en doe er dan de chocoladepellets bij.
  3. Vorm met behulp van 2 eetlepels hoopjes en verdeel zo het deeg in kleine porties. Duw de hoopjes plat en versier met de smarties.
  4. Leg de koekjes op een bakvorm bekleed met bakpapier en bak ze in 10 tot 12 minuten goudbruin in de voorverwarmde oven. Laat ze afkoelen op een rooster.

Smakelijk!